Op deze pagina gaan we stapsgewijs uitleggen hoe de regelgeving voor dronepiloten vanaf 31 december 2021 eruit ziet. Deze pagina is met behulp van informatie van het Rijksoverheid geschreven.
De regels en eisen voor het vliegen met drones hangt af van het risico op een ongeval tijdens een vlucht. Er 3 categorieën bepaald die door de hele Europese Unie gelden:
Per categorie wordt gekeken naar het risico dat de vlucht met zich meebrengt.
Eisen voor vluchten in de open categorie (laag risico)
Voldoet uw vlucht niet aan 1 of meer van deze eisen? Dan is uw dronevlucht geen vlucht met een laag risico.
Eisen voor vluchten in de specifieke categorie (gemiddeld risico)
De open categorie kent 3 subcategorieën. Elke subcategorie stelt eisen aan de drone, de piloot en de vlucht.
Voor drones die minder dan 250 gram wegen bij het opstijgen, gelden de algemene regels tijdens het vliegen.
Maar de piloot:
Voor speelgoeddrones die minder dan 250 gram wegen bij het opstijgen, gelden de algemene regels tijdens het vliegen. Maar de piloot:
Let op: De DJI Mini 2 is geen speelgoeddrone!
Wilt u dichter bij mensen vliegen? En is uw drone (bij opstijgen) maximaal 2 kilo? Dan valt uw vlucht in subcategorie A2.
Voor vluchten in subcategorie A2 gelden de algemene regels voor vluchten met een laag risico. Voor de piloot gelden de algemene regels voor en tijdens het vliegen. Daarnaast geldt dat de piloot:
Let op! Een uitzondering op de 50 meter is dat de piloot dichter bij mensen mag vliegen. Deze mensen moeten dan wel weten dat er met een drone boven hen wordt gevlogen. Bijvoorbeeld op een filmset of voor een trouwreportage.
Dronevluchten die een redelijk risico vormen voor personen of objecten op de grond.
Vanaf 31 december 2022 vallen alle drones die geen C0 t/m C4 CE label hebben in deze categorie.
De volgende typen drones mogen binnen de kaders van deze subcategorie vliegen:
Om het overzichtelijk te maken kun je via de knop hieronder een overzicht zien waaraan voldaan moet worden voor het vliegen met drones.